Na enkele korte bezoeken koos ik ervoor een maand in Calcutta (Kolkata) te logeren. De stad voelt Kafkaëske: de logica van het dagelijks leven schuift er gemakkelijk naar het surreële. Dat ervoer ik het scherpst op Howrah Station—een van de drukste spoorwegknooppunten van India—waar de stroom van reizigers nooit stopt. Tussen die beweging ontdekte ik een andere realiteit: mensen die op het perron wonen, aan de rand
van de maatschappij. Niet uit keuze, maar omdat er nergens anders ruimte voor hen is.
Ik koos één perron en keerde er dagelijks terug, telkens een dagdeel. Vertrouwen ontstaat langzaam: door aanwezig te zijn, te luisteren, en te zien zonder oordeel. Op dat perron woonde onder anderen het gezin van een docent Engels. De camera stond ten dienste van die nabijheid. Ik werkte met subtiele invulflits. Het licht kaderde de constante hectiek,
zodat gezichten, handen, spullen, en relaties zichtbaar werden—de sporen van een leven dat zich afspeelt temidden van treinen, omroepberichten en wachttijden.
Deze serie is geen verslag van uitzonderingen, maar een observatie van een gemeenschap die vaak onzichtbaar blijft. Ze onderzoekt de spanning tussen orde (het systeem van het station, de ritmes van vertrek en aankomst) en ontregeling (wonen op een plek die daar
niet voor bedoeld is).
Ik vermijd verklaringen en houd vast aan wat zichtbaar is: concrete
plekken, concrete mensen, concrete momenten. De beelden zijn documentair in hun precisie en poëtisch in wat ze oproepen. Ze vragen ons te kijken naar hoe wij samenleven, welke keuzes we maken, en hoe die keuzes doorwerken tot op een perron dat tegelijk
doorgang en thuis is.
After several short visits I chose to spend a month living in Calcutta (Kolkata). The city feels Kafkaesque: the logic of daily life slips easily into the surreal. I experienced it most sharply at Howrah Station—one of India’s busiest rail hubs—where the movement of travellersseems endless. Within that flow I encountered another reality: people who live on theplatform, at the margins of society. Not by choice, but because there is nowhere else for them to go.
I selected one platform and returned every day, for a portion of the day. Trust forms slowly—by being present, listening, and seeing without judgement. On that platform lived, among others, the family of an English teacher. The camera served that closeness. I worked with subtle fill flash. The light framed the constant hectic movement, so that faces, hands, belongings, and relationships became visible—traces of a life unfolding amid trains, announcements, and waiting.
This series is not a report of exceptions, but an observation of a community that often remains unseen. It examines the tension between order (the station’s systems, the rhythms of arrival and departure) and disruption (living in a space never intended for it).
I avoid explanation and stay with what is evident: concrete places, concrete people, concrete moments. The images are documentary in their precision and poetic in what they evoke. They invite us to look at how we live together, what choices we make, and how those choices reverberate—down to a platform that is both passage and home.











