Inspiration

Inspiratie: een doorlopende reis

Ik laat me graag inspireren door andere fotografen. Hun werk heeft mij gevormd en mijn blik geslepen. Ik heb het geluk van een rijk gevulde boekenkast: geen trofeeën, maar kompassen—boeken en tentoonstellingen die mij richting geven, uitdagen, soms zelfs
omver blazen. Hieronder een paar markeringen op die reis.

De outsider die dichtbij staat — Ed van der Elsken
Mijn eerste fotoboek kocht ik ooit nog in Limburg, bij de plaatselijke V&D: Paris 1950–1954 van Ed van der Elsken. Zijn blik—de buitenstaander die heel dicht op het leven staat—trof
me, vooral de serie Saint‑Germain‑des‑Prés. Foto’s die niet alleen registreren, maar aanwezig zijn: warm, rauw, onverschrokken. Ze gaven me genoeg stof tot nadenken over hoe je nabijheid en afstand tegelijk kunt houden.

Foto’s als theater van het leven — De Oude Kerk, Amsterdam (1991)
De tentoonstelling De vierde wand, samengesteld door Leo Divendal in de Oude Kerk, was voor mij een eyeopener. Ik had de techniek in de vingers en wist hoe ik mensen moest benaderen, maar hier leerde ik iets anders: dat foto’s ook als theater gelezen kunnen worden—een podium waarop het leven zich afspeelt. Niet wegzetten, maar bevragen. Nietlouter vastleggen, maar tonen.

Lagen die blijven spreken — Max Pam
Een van de fotografen uit die tentoonstelling, Max Pam, reisde met een Bronica 6×6 door het Indiase subcontinent en Thailand. Zijn boek Going East leerde me wat lagen in een foto kunnen doen: er gebeurt altijd meer dan één verhaal. Hij vertelde ooit dat hij in Bombay
aankwam—een stad die hij kende, maar waar hij weer vers was—en in één middag meerdere topfoto’s kon maken. Dat fenomeen herken ik: je kent de plek en de mensen, maar juist doordat je nieuw bent, zie je beter. De outsider als scherpst mogelijke waarnemer.

Aandacht opeisen voor de arbeiders — Sebastião Salgado
Met Workers van Sebastião Salgado leerde ik hoe gestileerde vorm en weerbarstigewerkelijkheid elkaar kunnen versterken. Fotografie als middel dat aandacht opeist voor mensen met fysieke beroepen, overal ter wereld: waardigheid, ritme, herhaling, de orde in het werk temidden van de chaos van omstandigheden. Het is engagement—en het schuurt op precies de juiste plekken.

De kracht van de serie — Nan Goldin
In een museum in Barcelona kwam ik rond 2000 in een benauwd zaaltje bij een diaprojectie die me omver wierp: een rauwe insider‑blik op een vriendenkring, getekend door verslaving en verlies. De kracht van de reeks, het tempo dat de maker dicteert, het onverbloemde nabij—zo intens heb ik het erna zelden nog ervaren. Het toonde me wat sequencing met je kan doen: niet één beeld dat spreekt, maar een koor dat zingt.

Integriteit in het ruwe — Mary Ellen Mark
Rond die tijd vond ik in de ramsj Mary Ellen Mark’s Falkland Road (Bombay). Een indringend document over leven aan de randen van de samenleving. Wat vooral bleef hangen was haar integriteit: de benadering die respect afdwingt, de aandacht die niet wegglijdt, het
menselijke dat overeind blijft in alle ruigheid.

Niet de schoonheid, maar wat opvalt — Robert Frank
Robert Frank met The Americans mag niet ontbreken. Er is veel over dit boek geschreven; het kwam op het juiste moment en werd betekenisvol. Wat ik er vooral van leerde is hoe je
een roadtrip als serie samenstelt: je hoeft niet de schoonheid vast te leggen, maar datgene wat je blik grijpt. De editing maakt het verhaal.

Ordenen om te bewaren — Düsseldorf School
Naast de ruigheid van het dagelijks leven fascineert me het categoriseren van onze leefomgeving. De Düsseldorf School (met de Bechers als pioniers en Andreas Gursky als groots dramaturg) heeft dat verfijnd tot in de museale ruimte. Fotografie bleek voor mij de
ideale manier om een tijdsbeeld vast te leggen, en vooral ook datgene wat aan het verdwijnen is. Categoriseren helpt ordenen—niet om te temmen, maar om te begrijpen.

Verhalen vertellen met zijpaden — Alec Soth
In Niagara laat Alec Soth zien hoe echte storytelling werkt: subseries die op een verklarende manier door elkaar lopen, als riviertjes die samen een stroom worden. Het is narratief zonder opsmuk, menselijk zonder sentimentaliteit.

Imperfectie als noodzakelijk middel — Michael Ackerman
In tijden van perfecte digitale beelden blader ik vaak met plezier door End Time City van Michael Ackerman. De analoge imperfectie is daar een versterkend middel, passend bij de rauwe manier waarop Benares wordt getoond—de plek waar hindoes naartoe reizen om te
sterven. Het leerde me dat technische imperfectie soms nodig is om een gevoel over te brengen: het beeld mag wankelen als de wereld wankelt.

Wat dit voor mijn werk betekent
Het ontdekken van fotografen is een doorlopende reis, en ik wil niemand tekortdoen die me dagelijks inspireert. Maar deze selectie laat zien waar mijn kompas naar wijst: het leven van dichtbij, met respectvolle nieuwsgierigheid; het ordenen om te begrijpen wat verdwijnt;
het vertellen in reeksen zodat het geheel kan spreken; en het durven kiezen voor imperfectie wanneer dat eerlijker voelt. Mijn fotografie zoekt die spanning tussen chaos en orde, tussen afstand en nabijheid, tussen waarnemen en aanraken—om zo een tijdsbeeld
vast te leggen dat niet alleen gezien, maar gevoeld kan worden

Inspiration: an ongoing journey


I draw inspiration from fellow photographers. Their work has shaped me and sharpened my gaze. I’m fortunate to have a well‑stocked bookcase—not trophies, but compasses: books and exhibitions that steer me, challenge me, and sometimes knock me off my feet. Below are a few markers along that journey.

The outsider who stands close — Ed van der Elsken
My first photobook, bought years ago in Limburg at the local department store, was Paris 1950–1954 by Ed van der Elsken. His perspective—the outsider standing very close to life—hit me hard, especially the Saint‑Germain‑des‑Prés series. These photographs don’t just record; they arrive: warm, raw, unafraid. They made me think about how to hold
proximity and distance at the same time.

Photographs as the theatre of life — Oude Kerk, Amsterdam (1991)
The exhibition De vierde wand (The Fourth Wall), curated by Leo Divendal in the Oude Kerk, was an eye‑opener. I had technique in hand and knew how to approach people, but here I learned something else: photographs can be read as theatre—a stage where life unfolds. Not to pin down, but to question. Not only to capture, but to show.

Layers that keep speaking — Max Pam
One of the photographers in that exhibition, Max Pam, travelled the Indian sub‑continent and Thailand with a Bronica 6×6. His book Going East taught me what layers can do in a photograph: there’s always more than one story happening. He once noted arrived in Bombay—familiar, yet fresh again—and making several top pictures in a single afternoon. I recognise that: you know the place and the people, but because you are new, you see better. The outsider is often the sharpest observer.

Claiming attention for labourers — Sebastião Salgado
With Workers by Sebastião Salgado, I learned how stylised form and stubborn reality can amplify each other. Photography as a means to claim attention for people with physical occupations, across the world: dignity, rhythm, repetition—the order in work amid the chaos of conditions. It’s engagement that rubs in the right places.

The power of the series — Nan Goldin
Around 2000, in a museum in Barcelona, I stepped into a small, stifling room with a slide projection that floored me: an unvarnished insider look at a circle of friends, marked by addiction and loss. The force of the sequence, the maker’s tempo, the unfiltered closeness—I’ve rarely experienced anything as intense since. It showed me what sequencing can do: not a single image speaking, but a chorus.

Integrity in the rough — Mary Ellen Mark
Around the same time, I stumbled across Mary Ellen Mark’s Falkland Road (Bombay) in a remainder bin. A piercing document of life at the margins. What stayed with me most was her integrity: an approach that commands respect, attention that doesn’t slide off, the human intact in all the roughness.

Not the beauty, but what catches the eye — Robert Frank
Robert Frank’s The Americans cannot be left out. Much has been written about this book; it arrived at the right moment and became foundational. What I learned most is how to build a road trip as a series: you don’t have to chase beauty—show what grabs you. The edit is the story.

Ordering to preserve — Düsseldorf School
Alongside the rawness of everyday life, I’m fascinated by categorising our environment. The Düsseldorf School (the Bechers as pioneers and Andreas Gursky as grand dramaturge) refined this into the museum space. Photography proved, for me, an ideal way to fix a time‑image, especially of what is disappearing. Categorising helps us order—not to tame, but to understand.

Storytelling with side paths — Alec Soth
In Niagara, Alec Soth shows how real storytelling works: sub‑series that weave together in an explanatory way, like small streams joining a river. Narrative without ornament, human without sentimentality.

Imperfection as a necessary means — Michael Ackerman
In an age of perfect digital files, I often return with pleasure to End Time City by Michael Ackerman. The analogue imperfection becomes a strengthening force, fitting the raw way Benares (Varanasi) is shown—the city where many Hindus travel to die. It taught me that technical imperfection can be necessary to convey feeling: the image may wobble when the
world wobbles.

What this means for my work
Discovering photographers is a continuing journey, and I don’t want to shortchange anyone who inspires me daily. But this selection shows where my compass points: life up close, with respectful curiosity; ordering to understand what is vanishing; speaking in sequences so the whole can sing; and choosing imperfection when it feels truer. My photography seeks the tension between chaos and order, distance and closeness, observing and touching—to fix a time‑image that’s not only seen, but felt.

Selected Books 

Ed van der Elsken — Paris ! 1950–1954 
o Van Gennep, Amsterdam, 1993. ISBN 9789060129135. 1
o Alternatieve edities: Bert Bakker, Amsterdam (ISBN 9789060197769);
Bookking International (1992/1993). 

Tentoonstelling — De vierde wand (The Fourth Wall), Oude Kerk, Amsterdam (1991)
Catalogus: Fragment Uitgeverij / Stichting De Vierde Wand, Amsterdam, 1991. ISBN 9065790357. 

Max Pam — Going East 
Éditions Marval, Paris, 1992. ISBN 2862341029. 

Sebastião Salgado — Workers / Arbeiter (Duitse editie) (1993)
Zweitausendeins, Frankfurt am Main, 1993. ISBN 3861500272.

(Andere uitgaven van Workers*: o.a. Phaidon, London, 1993; Aperture, New York, 2005; Taschen, 2024.)

Nan Goldin — The Ballad of Sexual Dependency  (1986)
Aperture, New York, 1986. ISBN 0893812366. (Heruitg. 2012) 

Mary Ellen Mark — Falkland Road: Prostitutes of Bombay

o Alfred A. Knopf, New York, 1981 (hardcover). 
o Thames & Hudson, London, 1981 (paperback). 
o (Heruitg. Steidl, Göttingen, 2005/2023.) 

Robert Frank — The Americans (herdruk 1998/2000)
Scalo Verlag, Zürich (internationale edities; ook New York samenwerking, 2000). ISBN 3931141802.  

The Düsseldorf School of Photography (2009)
Thames & Hudson Ltd, London. ISBN 9780500543566. 

(Latere compacte heruitgave bij Prestel, München, 2022.) 

Alec Soth — Niagara / Niagara (2006)
Steidl, Göttingen. ISBN 3865212336. 

Michael Ackerman — End Time City (1999)

Scalo, Zürich. ISBN 3908247136.

Naast fotoboeken en tentoonstellingen vormt het bespreken van foto’s met
collega-fotografen een essentieel onderdeel van mijn voortdurende
ontwikkeling van beeldtaal. Om dit te verdiepen heb ik een fotoreflectie-
opleiding gevolgd aan de Fotovakschool. Momenteel ben ik actief lid van de
documentairegroep van de Fotobond en van het fotocollectief Kamerata. 

Deze inspirerende bijeenkomsten bieden niet alleen waardevolle feedback, maar versterken ook mijn kijk op fotografie en stimuleren mijn creatieve groei. 

Voor mij is deze uitwisseling onmisbaar: het confronteert mij met andere perspectieven, daagt mijn eigen keuzes uit en helpt mij om mijn beelden scherper en betekenisvoller te maken. Fotografie is voor mij geen solistischebezigheid, maar een dialoog – met het onderwerp, met de kijker en met andere makers. Juist die dialoog houdt mijn werk levend en zorgt ervoor dat ik blijf groeien.

nan 0415 a4

In addition to photobooks and exhibitions, discussing photographs with fellow photographers is an essential part of my ongoing development of visuallanguage. To deepen this process, I completed a photo reflection course at the Fotovakschool. 

I am currently an active member of the documentary group of the Dutch Photographic Association and the Kamerata photo collective. These
inspiring meetings not only provide valuable feedback but also strengthen my
perspective on photography and stimulate my creative growth.

For me, this exchange is indispensable: it confronts me with other viewpoints,
challenges my own choices, and helps me make my images sharper and more
meaningful. Photography is not a solitary activity for me, but a dialogue – with
the subject, with the viewer, and with other creators. It is precisely this
dialogue that keeps my work alive and ensures that I continue to grow.

Lorem ipsum dolor sit amet, consectetur adipiscing elit. Ut elit tellus, luctus nec ullamcorper mattis, pulvinar dapibus leo.